Vier voor vijf
29 april 2008
Linn bedenkt mij met een stokje waarvan ze weet dat ik het tof vind: jeugdherinneringen. Het moeten er vier van voor je vijfde verjaardag zijn. Ik heb veel flarden herinneringen van voor mijn vijfde, maar die zijn zo kort en vaag dat ik er nauwelijks een verhaaltje omheen kan typen. Het zijn vooral de belangrijkere gebeurtenissen die ik goed kan duiden. Vanavond komt mijn vader langs, dus die kan me precies vertellen hoe oud ik was toen het allemaal gebeurde.
1. Ik wil van het glijbaantje bij ons huis glijden, maar een van de zijkanten waaraan je je vast moet houden is kapot. Ik verlies mijn evenwicht en val met mijn pols in de glasscherven naast de glijbaan. Het volgende dat ik me herinner, is dat ik krijsend naar huis loop en naar mijn mouw kijk, die doorweekt raakt van bloed. Er ligt ook veel bloed op straat. Ik herinner me niet meer dat we bij een dokter zijn, maar wel het volgende bezoekje aan de dokter, een paar weken later, als de hechtingen eruit mogen. En ook dat ik een tijdje daarna nog met een gigantische pleister op mijn pols rondloop. Op het heftig uitziende litteken was ik erg trots en ik liet het nog jarenlang aan klasgenootjes zien.
EDIT: Deze gebeurtenis was pas nadat mijn zusje geboren was, maar ik was nog geen vier. Het was ook geen glas maar iets anders scherps.
2. Ik heb de grote zwarte pumps van mijn moeder aangetrokken en laat het haar trots zien. Ze staat zich op te maken voor de spiegel in de badkamer. Volgens mij gaat ze naar een vergadering. “Ga maar vast naar beneden” zegt ze, “Ik kom zo.” Ik kijk naar haar terwijl ze haar lippen stift, en zet met de zwarte pumps de eerste stap op de trap… mis. Het volgende moment lig ik huilend onderaan de trap. Er komt veel bloed uit mijn mond. In het beeld daarna zit ik met mijn moeder achterin de auto. Ze heeft een dikke groene jas aan. Mijn vader rijdt. We zijn op weg naar de EHBO. Ik herinner me het felle licht en de witte jassen in het ziekenhuis. Een dokter duwt mijn mond open met iets dat op een ijslollystokje lijkt, maar dan twee keer zo groot. Er is niets aan de hand zegt hij.
Mijn ouders vertrouwen het niet en brengen me twee dagen later naar de tandarts. Ook dat herinner ik me nog. Daar blijkt dat mijn kaak gebroken is. Mijn ouders zijn erg lief voor me en ik mag alleen maar zachte dingen eten.
EDIT: mijn moeder vertelde dat het in september 1989 gebeurde, ik was twee jaar en negen maanden.
3. Het is 2 april 1990, dus ik ben 3 jaar en 4 maanden. Mijn vader heeft me bij een vriendinnetje gebracht. “Je mamma voelt zich niet zo lekker” zegt haar moeder. Na een hele tijd komt mijn vader terug om me op te halen. Hij praat Frans met de moeder zodat ik het niet kan verstaan. We gaan samen naar de bakker en ik mag een taartje uitkiezen. Ik kies een aardbeientaartje. Dan vertelt mijn vader dat ik een zusje heb gekregen. Ze heet Louisa.
4. Ik ga voor het eerst naar school, dus ik ben vier. Mijn vader brengt me. Ik zie het hoofd van de juf dat heel groot lijkt, met hele grote rode handen. Mijn moeder heeft kleine zachte handen met botjes. De juf praat heel luid en met andere woorden tegen mij. Heel anders dan mijn ouders doen. Ze laat me zien dat ik een haakje heb met een plaatje. Bij dat plaatje moet ik mijn jas ophangen. Ik heb ook een stoel met mijn naam en datzelfde plaatje. Dan gaat mijn vader weg. Ik denk dat ik ga huilen, maar het gebeurt niet.
Ik zou het liefst het stokje doorgeven aan een ‘oudere’ blogger. Niet beledigd zijn Annemie en de deftige dames! Ik ben zelf immers pas sinds 1986 op deze wereld.
Belgische Bevragingen
28 april 2008
Op twintig meter straat zijn op dit moment vijf mensen aan het verbouwen. Ligt het aan mij of verbouwen ze in België echt meer? Mijn vader zegt namelijk dat het spreekwoord luidt dat een Belg met een hamer in de hand baksteen in z’n maag geboren wordt. Soms wordt ik een beetje moe van die dreunende cementwagens om zeven uur ’s ochtends. Onze buren waren al bezig met bouwen voordat wij trouwden, en zijn zo te zien nog lang niet klaar. Wel vervelend dat het gruis naar binnen waait zodra je een raam open zet.
Sinds ik in België woon ben ik serieus veel banger voor flikken. Het lijkt wel of ze hier meer macht hebben of hun macht meer (en op een vervelende manier) gebruiken. De boetes zijn hier ook stukken hoger. Ze rijden soms rond in burgerauto’s en gaan dan langzamer rijden naast je fiets om je op een luttel detail te wijzen. Zo van: “Ik zag dat jij daarnet door het oranje licht fietste… je weet dat wij je daarvoor kunnen beboeten hè?” Of erger: “Je betaalt 50 euro boete voor door het station fietsen óf je wandelt met je fiets terug naar buiten het station en laat ons zien hoe netjes jij met de fiets aan de hand door het station kunt wandelen.” Het kost me veel moeite onderdanig te doen om onder mijn boete uit te komen.
Want wie heeft er ooit van gehoord dat je als fietser een eenrichtingsstraat niet in mag? Dat geldt in Nederland toch alleen voor auto’s? En als je straten niet in mag, zorg dan voor een degelijk fietspad. Of het bedenksel dat je geen mensen op de bagagedrager mag vervoeren. Ik kan er maar niet aan wennen.
Waarom worden engelse woorden hier soms zo vreemd uitgesproken? Trainingen wordt treiningen, typen wordt tijpen, technologie wordt teknolozjie. Tegelijk hoor ik veel hoongelach over het dikke accent dat Nederlanders op buitenlandse woorden leggen.
En dan nog zoiets. Waarom is het assortiment in de Belgische Hema’s zoveel kleiner? Dat is discriminatie! Ze hebben van alles wel wat, maar nét niet wat ik in Nederland al had zien liggen. Ik heb soms ook het idee dat er andere prijzen gehanteerd worden. Hogere. Belgenland verenigt u. Schrijf massaal naar de Hema directeur. Aïda ging u voor.
Hoe zit dat nou met flirten in België? Ik kan er geen wijs uit en pik verkeerde signalen op. Een flirtende jongen in Nederland gaat bovengemiddeld geïnteresseerd doen, zich mannelijker gedragen, oogcontact maken, lachen, etcetera. Het is dan aan mij om het flirten al of niet af te remmen. Maar met die Belgische jongens gaat dat heel anders. Die worden heel rustig, geven me overal gelijk in, wat ik ook zeg (echt waar, ik heb daar experimenten mee gedaan) en gedragen zich extreem hoffelijk. Naar huis brengen in de stromende regen is zo’n ding. Maar hallo! Flirten is toch haantjes en hennetjes, spanning in de lucht en niet ‘ik wil je voor eeuwig in 1875 style gaan bejegenen’.
Edit: Ik bedacht me na een gesprek met een Belg nog iets. Er lijkt hier meer sociale gelaagdheid (ongelijkheid?) te zijn, en daarmee ook meer sociale bewogenheid. Tegelijk heb ik het gevoel dat de sociale verzuiling hier minder hard is doorgedrongen. Misschien omdat de katholieke kerk meer eenheid bood. De politieke verzuiling lijkt dan juist weer grilliger. In Nederland voelde ik me sneller in een hokje geplaatst. De jeugdculturen profileren zich minder scherp en lopen meer door elkaar heen. Dat maakt het uitgaansleven ook veel relaxter.