De rest
31 juli 2008
Na exact drie weken vakantie kwam ik weer thuis. Dat wil zeggen, dinsdagavond om 6 uur. En thuis is in dit geval Zeeland. Ik ben een week eerder teruggekomen omdat ik met mijn ouders mee kon reizen. Omdat ik het liften moe was, vond ik dit een welkom aanbod.
Wat is er gebeurt na Sundsvall? GJ en ik moesten en zouden het binnenland in. Ondanks dat iedereen al had opgemerkt dat het daar regent en leeg is op de wegen, zouden wij gaan. Op zondagmorgen om 9 uur werden we door een Australisch echtpaar aan de E14 afgezet. Drie uur later stonden we er nog. De eerste lift bracht ons 20 kilometer verder. Daarna stonden we weer een uur. In dat uur hadden we tot bezinnig moeten komen. Maar er stopte een vrachtwagen. Die bracht ons op weggetjes van 60 kilometer per uur net ver genoeg het binnenland in, dat het flink begon te regenen. Net toen ik geen hand voor ogen meer zag, moest hij er af. Ook toen hadden we droog en comfortabel als we waren met hem mee moeten rijden. Maar we stapten uit. Op een tweebaansweggetje tussen de naaldbomen in de stromende regen.
Met ons verlepte kartonnen bordje staarden we hoopvol naar de lege weg. Eens in de vijf minuten kwam er een camper langs, met een Noors kenteken. Zo’n hele dikke camper met hele dikke mensen er in. Door het raampje zagen we nog net dat ze hun middelvinger naar ons opstaken. Op zulke momenten is het leven even niet meer leuk en grappig. Uiteindelijk deden we een hele dag over een afstand van 150 kilometer.
We voelden ons gevangen. Vanuit Östersund zijn er drie wegen die naar een volgend punt van beschaving dorp van meer dan 1000 inwoners leiden. We konden 150 kilometer terug naar de kust liften, naar Trondheim in Noorwegen, of naar Mora, 600 kilometer Zuidelijker. We hadden gedacht dat in anderhalve dag te kunnen doen. Maar het binnenland is weerbarstiger dan de kust. We besloten de trein te nemen. De volgende dag zaten we in de trein naar Gävle, en waren opgelucht om weg te zijn. We besloten naar mijn ouders toe te liften, die ook in Zweden op vakantie waren.
In het Zuiden liften ging heel wat makkelijker! De automobilisten zwaaiden en lachten als ze ons aan de kant van de weg zagen staan. We werden heel snel meegenomen en de gesprekjes liepen vlot en spontaan. In één dag liftten we naar Linköping, en daar pikte mijn vader ons op. We hebben een week met mijn familie in Smaland gekampeerd en genoten van het feit dat er een auto ter beschikking stond. Wat gaat alles dan ineens makkelijk. 30 Kilometer is een lachertje. We bekeken de filmset van Emil van de Hazelhoeve en Bolderburen. Verder zwommen we in het meer en stookten elke avond een kampvuur. Het was een geweldige week.
En nu ben ik in Zeeland aan het nagenieten. Zon zee en strand staan nog steeds volop tot mijn beschikking. Het leukste is dat ik er niets voor hoef te doen.
Alé, die week met je familie was uiteindelijk nog het beste en leukste stuk of zie ik dat verkeerd?
Neenee, zeker niet! Het was heel lekker om na twee intensieve weken ineens een auto ter beschikking te hebben en ook eens een dag aan de waterkant te spenderen. Maar de vrijheid en de kick van het reizen waren in de twee weken daarvoor onovertroffen.