Lapland

14 juli 2008

Vrijdagmiddag vlogen we naar Oulu. Tijdens de vlucht was het heel helder, en met de kaart op schoot kon ik volgen waar we overheen vlogen als ik naar beneden keek. In de omgeving van Helsinki zag ik eerst nog redelijk wat bebouwing, maar verder naar het Noorden werd het leger en leger. Bossen, meren, af en toe een boerderij. De landingsbaan van Oulu airport was niet meer dan een uit de kluiten gewassen grasveld. Als ze me hadden gezegd dat ik in een wildpark was gedumpt in plaats van op een vliegveld had ik het ook geloofd.

Ik ben erg kort in Finland gebleven, want het beviel me er absoluut niet. Het spijt me Sininen Kuu, maar ik kon de Finnen niet erg appreciëren. De prijzen liggen er een stuk hoger als in Nederland. Misschien heeft het er mee te maken dat veel groenten verder geïmporteerd moeten worden. Maar ook andere producten waren met gemak drie keer zo duur.

Verder had ik gelezen dat alcoholisme een groot probleem is in Finland. Dat heb ik met eigen ogen kunnen zien. In de steden hingen overal troepjes marginale jongeren die er compleet laveloos uitzagen. ´s Avonds reden ze vaak rond in oude schrootbakken waar ze voetgangers lastigvielen door keihard aan te komen crossen als iemand het zebrapad wilde oversteken, schreeuwen, drank gooien, radio´s en claxon aan, etc. Het gaf al met al een negatieve sfeer. De mensen met wie we meeliftten vertelden ons ook dat er veel werkloosheid is in het Noorden, en dat daardoor de zelfmoordpercentages zo hoog liggen. Veel mensen hebben een geweer, omdat er veel gejaagd wordt, en zo is de link snel gelegd.

In Oulu hebben we drie uur in de brandende zon op een lift gewacht. Het is hier veel warmer dan ik had gedacht en ik ben ontzettend bruin. In België en Nederland staan we nooit langer dan 5 á 10 minuten langs de kant van de weg, dus drie uur vonden we behoorlijk lang. Het was niet omdat er weinig auto’s voorbijkwamen. De wegen zijn hier weliswaar geen snelwegen, maar worden toch druk bereden. De Finnen leken erg afkerig van contact en kwamen gesloten over.

We zijn zo snel mogelijk doorgelift naar Zweden. We dachten hier makkelijk wild te kunnen kamperen, maar hebben over een aantal dingen slecht nagedacht. Als je lift ben je behoorlijk afhankelijk. Buiten dorpen op een weg gaan staan liften heeft geen zin, want dan zie je drie auto´s per uur. Met een rugzak van twintig kilo op je rug, raak je lopen na 5 kilometer flink zat. Als je eenmaal in een stadje zit kun je niet in een park kamperen, en tot buiten de buitenwijken en industrieterreinen lopen met de backpacks is te ver. We zijn dus min of meer veroordeeld tot campings. Op zich is dat geen probleem, maar we wilden de wildernis in en dat gaat nu niet. Verder kost het natuurlijk en hoop meer.

En dan zijn er de muggen. Die vallen heel erg mee. Tussen de huizen en bij kortgemaaid gras zijn er zelfs bijna geen. Zodra je echter een beetje het binnenland intrekt wordt het bewolkt en valt er veel meer regen. Volgens mij is het het vocht dat muggen aantrekt. Als je dan op tussen de bomen gaat staan wordt je letterlijk aangevallen. We stonden nog geen minuut op een plekje waar we onze tent wilden gaan opzetten, en we hadden meteen tientallen muggebulten. Het is dus zaak om daar buiten te blijven. Maar dan is het ook werkelijk geen enkel probleem met die muggen, ook ’s avonds niet.

En het is hier licht. Altijd en overal. De zon gaat onder om half elf, maar daarna blijft het licht. Als ik om twee uur mijn tentje uitkruip om te plassen is het weliswaar steenkoud, maar het is nog steeds licht. Ietsje minder dan vol zonlicht, maar schemer kan ik het nog lang niet noemen. Overdag in de zon is het 25 graden, maar zodra het bewolkt raakt of nadat de zon ondergaat wordt het ineens erg koud.

Omdat we blijven liften zijn we afhankelijk van de kustweg. Die belet ons de wildernis in te gaan. 50 Kilometer landinwaarts is er niets. Maar langs de kust zijn voortdurend levendige en rijke stadjes met zelfs behoorlijk wat toeristen. Dat was eigenlijk niet precies wat we zochten. Er zijn hier natuurlijk minder en kleinere steden, maar qua sfeer is het hier hetzelfde als midden Zweden. Alle huizen zijn rood met witte kozijnen, het landschap is groen en glooit lichtjes, de bermen staan vol met de prachtigste bloemen en de meren en beken zijn glashelder. De mensen zijn vriendelijk, behulpzaam en spreken goed Engels. We worden hier zeer snel meegenomen als we staan te liften. In de meeste opzichten in Zweden voor een liftvakantie aantrekkelijker dan Finland.

En nu zit in in de bibliotheek van Luleå, de hoofdstad van Lapland genoemd. Internet is in elke bibliotheek gratis, dus nog eens een verslagje posten zal geen probleem zijn. Ik heb het geweldig naar mijn zin en wordt wat mager, maar alles gaat goed.

Riga

14 juli 2008

We vlogen dinsdagavond naar Riga. Woensdag en donderdag hebben we de stad verkend. Dankzij de tips van Hette heb ik een aardige indruk van deze stad gekregen. Zo is er het gratis occupatiemuseum in het centrum, waar je een indruk krijgt van het leven in Letland tijdens de tweede wereldoorlog en de Sovjet periode. Heel interessant, want zo begrijp je een stad een heel stuk beter.

Verder was er precies in de week dat wij er waren een zang en dansfestival dat slechts eens in de vijf jaar plaatsvindt. Bovendien werd in de Baltische staten de 90 jaar onafhankelijkheid gevierd. De hele stad stond vol met bussen die uit het hele land kwamen om concerten te bezoeken of te geven. Letland is namelijk een echt korenland, en zingen heeft een belangrijke rol gespeeld tijdens de laatste revolutie in 1991. Dit klinkt misschien een beetje suf. Een koor is iets dat ik meer associeer met oudere mensen en kerken. Maar hier liepen overal door de stad jonge meisjes in de nationale klederdracht, op weg naar concertzalen. Het was overal uitverkocht, maar in een groot park gaven de etnische minderheden hun optredens.

Moet je je voorstellen, een park vól met Esten, Russen, kozakken, Oekrainers, zigeuners, wit-russen, Joden, Polen, Kazachstanen en ga zo maar door in hun klederdracht. En het gekke was, iedereen nam het bloedserieus. Door het hele park stonden koren trots en blij hun land al zingend en dansend te vertegenwoordigen. In Nederland zouden er wel wat sarcastische opmerkingen gemaakt worden over die ouderwetse kanten mutsjes, maar het publiek hier was razend enthousiast.

Ik heb iets geproefd van de Slavische cultuur en het was erg intrigerend. Veel variëteit en toch eenheid. Buikdansende zigeuners op Arabisch aandoende muziek en melancholieke Kozakken met bontmutsen, laarzen en donkere stemmen… Jammer genoeg kan ik hier geen foto´s uploaden, maar het was geweldig.

Voor mensen die naar Riga willen, ik kan het iedereen aanbevelen. De vluchten vanaf Brussel zijn heel goedkoop, je bent er in 2,5 uur, en financieel is het allemaal ook behoorlijk aantrekkelijk. We schrokken van de prijzen in de supermarkt, want die lagen boven de Nederlandse. Daar moet je je etenswaren dan ook niet kopen. Even buiten het centrum is een grote overdekte markt waar vlees, vis, bakkerswaren en veel verse groente en fruit heel goedkoop te krijgen zijn. Je koopt er Lets brood voor 30 eurocent, en een kilo kersen voor 1 euro 50. Maar ook de gang van zaken op de markt is al een belevenis op zich. Verder rijden overal door de stad bussen en de kaartjes kosten 50 eurocent.

Wat de ‘oostbloksfeer’ betreft, die vind je vooral in de buitenwijken. Het centrum doet Westers aan, op de monumenten en standbeelden uit de Sovjet periode na. Daar buiten zijn de oude betonnen flats, dames met snorren en kleding uit het jaar nul, en smoezelige cafeetjes. Eeerlijk gezegd spreekt me dat veel meer aan.