Demograf
16 oktober 2009
Een brokje cultuurpessimisme. Kijkt u mee naar de volgende cijfers.
(Okay, ik heb óóḱ een hekel aan statistiekjes. Ze zijn misleidend, worden vaak verkeerd geinterpreteerd en draaien mensen een rad voor de ogen. Maar het is vaak de snelste manier om iets weer te geven.)
Het aantal Europeanen daalt. Nu nog niet, maar binnenkort wel. In 2050 zijn er 40 miljoen Europeanen minder, terwijl er een miljard Aziaten bijkomen. Waarom? Europeanen krijgen minder kinderen. De hoeveelheid kinderen per vrouw ligt nu op anderhalf. Al zou het gemiddelde omhoog getrokken worden naar twee kinderen per vrouw, dan nog blijft de hoeveelheid Europeanen dalen.De daling slaat het hardste toe in veel voormalige Oostbloklanden (Rusland verliest tienduizend Russen per week), maar ook in West-Europa daalt nu al de hoeveelheid borelingen. Duitsland verliest jaarlijks twee procent Duitsers. Vanaf 2015 gaan er meer Europeanen dood dan er geboren worden.
Wat is het gevolg van deze dalende geboortecijfers? Extreme vergrijzing. Op dit moment staat tegenover vier werkende Europeanen één gepensioneerde. In 2050 is eenderde van de Europese bevolking pensioengerechtigd. De pensioensregelingen zoals deze in de meeste Europese landen functioneren, zijn dan niet meer betaalbaar.
Waarom ik hierover begin? Een professor vertelde dat Europa in bepaalde cultuurfilosofische stromingen in de VS het ‘continent van de dood’ wordt genoemd. Europa sterft uit, letterlijk en daarmee ook figuurlijk. Zij kijken met verbazing naar de zeer magere geboortepolitiek die Europese overheden voeren. Vrouwen stellen het krijgen van kinderen uit, omdat het funest is voor hun carriere, het is vaak niet combineerbaar. Dit leidt dan weer tot kleinere gezinnen of ongewenste onvruchtbaarheid, want na haar 35ste neemt de vruchtbaarheid van een vrouw snel af. Om een economische voortrekkersrol te kunnen blijven spelen, heb je werknemers nodig en deze moeten gebaard worden. Toch wordt er in de Nederlandse politiek (ik ken de Belgische situatie minder goed) vaak schamper van fokpremies gesproken, als het over stimuleren van kinderen krijgen gaat.
Maar kijk naar Scandinavische landen. Daar krijgen vrouwen meer en op jongere leeftijd kinderen dan in bijvoorbeeld Nederland. Tegelijkertijd zijn daar meer vrouwen die een fulltime baan hebben en daardoor ook meer vrouwen die topfuncties bekleden. Deze landen voeren al jaren een actieve geboortepolitiek in samenwerking met het bedrijfsleven. Het legt hen bepaald geen windeieren.
Waarom lees ik hier zo weinig over? Hebben veel Europese overheden of het bedrijfsleven dan werkelijk zo’n korte termijnvisie? Europa is een grote economische speler op wereldformaat, maar nieuwe landen kloppen aan. Waarom worden vrouwelijke werknemers eerder ontmoedigd dan aangemoedigd om een gezin te stichten? Waarom wordt er tegelijkertijd geklaagd dat te weinig vrouwen hoge functies bekleden? Waarom is het óf kind, óf carriere?