Pjotr 3
18 november 2009
Ik heb een kat. Ik was zelf niet op het idee gekomen katteneigenaar te worden en verbaas me hoe snel ik warme gevoelens voor het beest heb ontwikkeld. Afkomstig uit een familie van kattenhaters heb ik tijdens mijn kindertijd stiekem heel wat katten geschopt als hun eigenaren niet in de buurt waren.
Tot een paar maanden geleden trok ik mijn wenkbrauwen op als medebloggers iets schreven over hun kat. Vooral als in datzelfde stukje tekst karaktereigenschappen werden genoemd of een analyse van de kattenpsyche. Het spijt me, Flora, Zezunja, Kerygma of andere [insert kattenblogger]. Ik had het tot nu toe allemaal niet zo begrepen.
Hij kwam aanlopen op een dag toen we nog dachten dat het een zij was. Vreselijk schuw, kleiner dan de rest van de kattenbende in de buurt en schijnbaar zonder baas. GJ adopteerde haar meteen, ik vond het allemaal maar niks. Pjotr 3 moest ze heten, want GJ had in zijn leven al een Pjotr 1 en 2 versleten en die leken zo vreselijk op deze poeskat. Dat kon geen toeval zijn! Het bakje melk (aangelengd want anders krijgen ze diarree, jaa) werd trouw leeggellikt, maar van eten moest ze niets hebben. Harde brokken, blikvoer maar ook vis was verspilde moeite.
Na het zoveelste kattengevecht bleek Pjotr 3 een flinke wond aan de poot te hebben, waar ze na een paar dagen sukkelen niet meer op kon lopen. De dierenarts spoot haar plat en onthulde de identiteit van Pjotr 3. Een jonge, gecastreerde maar inmiddels verwilderde kater. Prima op gewicht, blijkbaar zelfvoorzienend en levend van de jacht. GJ vond dat de torenhoge rekening van de dierenarts genoeg betaald was voor een huisdier en beschouwt hem sindsdien als zijn eigendom.
Maar toen kwam de kattenanalyse en hoewel ik er eigenlijk tegen ben, doe ik inmiddels van harte mee. Katten kunnen namelijk niet praten. Als ze dus tegen de witte keukenmuur pissen, moet jij analyseren hoe dat zou kunnen komen en hoe je dat in de toekomst vermijd. Vermoeiend is dat wel, want zo’n kat is net een mens, gruwelijk inconsequent. De ene dag vliegt hij je om de hals, de volgende dag speelt hij hard to get. Als hij de woonkamer niet in mag, zal hij alle mogelijke moeite doen om er toch in te sneaken zodra de deur op een kiertje staat. Als ik mijn fototoestel bovenhaal, verbergt hij snel zijn kop tussen zijn poten. Maar ik heb hem weten te vangen tijdens een spiritueel moment…

Hoe dan ook, de categorie huisboombeest is bij deze compleet.






