Feeders

24 januari 2009

Na een interessant blogpostje dat ik gisteren las bij Ysabel en de link in haar reactieluik die ik daar ‘ s avonds terugvond, ben ik weer eens aan het denken gezet.

Waarom zit er eigenlijk suiker in zoveel producten?

Ik geloof ook dat suiker een verslavend voedingsmiddel is. Het is de enige smaak waar je niet aan hoeft te wennen. Het eerste wat je krijgt is melk. Zacht, zoet en romig hoef je niet te leren waarderen, het gaat vanzelf.
Typische  elementen van die verslaving zijn dat je iets tot je neemt wat je lichaam niet nodig heeft, waar het voor de verslaving geen behoefte aan had en wat met name in grotere hoeveelheden schadelijk is voor je lichaam.

Dit is een krasse stelling waar ik in het dagelijks leven niet bij stilsta of iets mee doe. Je hebt het niet nodig. Iedereen het hierover eens. Toch eet iedereen snoep, koekjes en broodbeleg waar suiker in zit. Sterker nog, als je ingrediëntenlijstjes van producten uit de supermarkt bekijkt, valt op in hoeveel producten suiker zit. Is dat nodig? Is dat gezond? Geen van beide. Toch blijven mensen (waaronder ikzelf) deze producten kopen en stellen zich er geen vragen bij.

Ik vraag me af wie er verantwoordelijk is voor wat  we eten. De consument zelf, zou ik in eerste instantie denken. Maar die heeft geen toegang tot de kennis over de ingrediënten en het productieproces van de dingen die je in de supermarkt tegenkomt. Soms is er een topje van de ijsberg te zien in complexe verhalen over machtige bedrijven. Keuringsdienst van Waarde is een programma waar ik al veel interessante reportages over eten heb gezien. Maar wat is waar. Ik houd persoonlijk niet van complottheorieën en sta ook niet graag wantrouwig in het leven. Toch blijft het knagen.

Als de voedselproducent verantwoordelijk is, waarom stopt hij dan al die suikers in producten die ook zonder suiker te maken  zijn? Een kleine zoektocht in de koelkast leverde al op dat mayonaise en pesto vol met suker zitten. Zoet, zacht en romig. Het is niet zozeer wat de consument wil, maar wel wat hij koopt. Het levert meer winst op. Het produceren van gezonde voedingsmiddelen is ondergeschikt aan verkoopresultaten.

Ik heb geen oplossing en ben alleen een consument met vragen. Als ik streekproducten kan kopen, doe ik het. Zo houd je de lijntjes korter, bovendien geef je dan je geld niet aan grote bedrijven die nog meer macht kunnen verwerven. Binnenkort ga ik mijn lichaam eens testen. Bij aanvang van het nieuwe semester ben ik van plan een maand lang geen producten met suiker te eten. Na die maand eet ik een mars en het schijnt dat je dan gaat stuiteren. We zullen zien.

Armoede

15 oktober 2008

Als het gaat om de wereld verbeteren, een goede daad doen, aan anderen denken en schrijnende tegenstellingen tegengaan heb ik 1 knotsgroot stokpaard:

ethisch consumeren.

Het ontbreekt veel mensen aan interesse, en daardoor aan kennis over de herkomst van het eten en de spullen die ze kopen. Ik kan hen geen moraal aanmeten, maar hun onverschilligheid en luiheid geeft me een machteloos gevoel. Anderen beweren dat ze wél wakker liggen van uitbuiting en armoede, maar handelen er niet naar. Goedkope producten uit derde wereldlanden kopen en tegelijkertijd doneren aan hulpfondsen heeft geen zin. Het geld dat je investeert in zo’n fonds wordt meteen teniet gedaan door de oneerlijke arbeid die mensen hebben moeten verrichten voor jouw product.

Weer anderen beweren dat er toch niets aan te doen is, en dat de kloof tussen arm en rijk altijd zal blijven bestaan. Prima, maar stop dan ook met stemmen, uw afval scheiden, of glimlachen naar de buurman. Uw gedrag heeft namelijk geen enkele zin of impact.

Ik denk dat je verantwoordelijk bent voor wat je koopt.
Niemand koopt tegenwoordig nog een bontjas, en niemand koopt een aapje als hij op vakantie is. Maar het gevoel verantwoordelijk te zijn voor je aankoop, geldt voor veel mensen alleen als ze hebben gezien waar het vandaan komt.

Met spullen die je netjes in rekken ziet liggen, is dat moeilijker. Dit zijn een aantal richtlijnen die ik voor mezelf aanhoud, om aan de veilige kant te blijven. Zo hebben de dingen die ik gebruik in ieder geval een verantwoorde herkomst.

  • Koop fair trade producten.
  • Houd u verre van goedkope machinaal geproduceerde producten uit Afrika of Azië.
  • Koop zoveel mogelijk lokale producten. Op groente en fruit staat altijd waar het vandaan komt.
  • Koop tweedehands.
  • Maak dingen zelf, in plaats van ze te kopen.

Producten klinkt misschien als een te ver van u bed show. Ik bedoel bananen, kleren, schoenen, speelgoed, thee en koffie, kerstverlichting en nog veel meer. Dingen die je op elke straathoek kunt krijgen, maar zijn geoogst of gemaakt door slaven, kinderen of onderbetaalde volwassenen. Met het kopen van deze producten houdt u indirect armoede in stand.